Persbericht REA Antwerpen: veroordeling van twee vennootschappen in kader van Airbnb-verhuur

01/06/2026

Op 1 juni 2026 veroordeelde de rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen, twee vennootschappen omdat zij niet de nodige vergunningen bezaten om appartementen te verhuren via Airbnb. De rechtbank legde hen elk een geldboete van 28.000 euro met uitstel gedurende drie jaar op. Verder werden vermogensvoordelen verbeurdverklaard van respectievelijk 37.500 euro en 25.000 euro.

De ene vennootschap is eigenaar en de andere vennootschap huurder van een pand op de Italiëlei in Antwerpen. Het pand bestaat uit 25 appartementen die vergund zijn voor de functie wonen. Sinds 2022 verhuren de beklaagden 23 van deze appartementen online via het platform Airbnb met het oog op toerisme en kort verblijf.

De 23 via Airbnb verhuurde appartementen zijn volgens de rechtbank niet te beschouwen als ‘kleine toeristische logies’ die vallen onder de functie wonen. De rechtbank stelde dat alle te huur aangeboden appartementen in het pand als één geheel moeten worden beoordeeld en niet als 23 afzonderlijke eenheden. Een andere redenering zou het mogelijk maken ieder klassiek hotel stedenbouwkundig op te splitsen in kleine eenheden om de vergunningsverplichting te omzeilen. De rechtbank besloot dat de beklaagden voor deze handelingen een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen hadden moeten aanvragen. 

De rechtbank oordeelde dat beide beklaagden schuldig waren aan:

  • het wijzigen van de hoofdfunctie van het pand van wonen naar de verblijfsrecreatie, zonder de vereiste vergunning, en

  • het aantal woongelegenheden verminderen van 25 naar 2 zonder vergunning.

Het feit dat de beklaagden beroepsmatig actief zijn in de sector, vormt een verzwarende omstandigheid.

De rechtbank stelde dat, door functiewijzigingen door te voeren zonder de nodige vergunningen aan te vragen of af te wachten, de beklaagden hun persoonlijk belang boven het maatschappelijk belang stelden. Door de vergunningsverplichting te omzeilen hebben zij een preventieve toets door de vergunningverlenende overheid onmogelijk gemaakt.

De rechtbank veroordeelde de beklaagden elk tot een geldboete van 28.000 euro, met uitstel voor een termijn van drie jaar. Bovendien verklaarde de rechtbank de winsten van 37.500 euro en 25.000 euro uit de verhuur via Airbnb verbeurd.

Verder werden de beklaagden op vordering van de burgemeester van de Stad Antwerpen veroordeeld om binnen de twee maanden het strijdig gebruik van het pand stop te zetten en binnen de zes maanden de appartementen opnieuw te koop of te huur te stellen conform de functie wonen. De rechtbank legde een dwangsom op van 1.000 euro per beklaagde, per appartement en per dag indien de beklaagden de herstelmaatregelen niet uitvoeren binnen deze termijnen.