02/03/2026

De rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge heeft een onthaalmoeder en haar man schuldig verklaard aan onopzettelijke doding van een acht maanden oude baby. Het bed waarin de baby sliep werd foutief gemonteerd en werd niet hersteld na het vaststellen dat een pinnetje regelmatig uit het bed viel. Hierdoor kwam de baby tussen de lattenbodem en de bedstijl vast te zitten, met de dood tot gevolg. 

Feiten

Op 30 augustus 2022 verbleef een baby van acht maanden bij een onthaalmoeder. De baby kwam om 08:30 uur toe en werd om 12:30, net als de andere kinderen, te slapen gelegd. De baby werd in hetzelfde bed gelegd als waar het in de voormiddag reeds had geslapen. De onthaalmoeder verklaarde dat er een babyfoon was zonder camera en de deur op een kier stond. Omdat het stil was in de kamer dacht de onthaalmoeder dat de baby nog sliep. Om 15:15 uur ging ze de kamer binnen. Ze zag de baby met zijn zitvlak op de grond zitten. Het hoofd zat gekneld tussen de lattenbodem en de verticale bedspijl. Op zijn mond zag ze een roosachtig schuim. Ze trok de baby onmiddellijk los en nam hem mee naar de woonkamer en riep haar dochter om de dienst 112 en de ouders van de baby te bellen. De onthaalmoeder sloeg meermaals op de wangen van de baby aan beide zijden met de hoop hem wakker te krijgen. Wanneer dit niet lukte begon ze de reanimatie, tot de dienst 112 ter plaatse was en de reanimatie overnam. De ouders van de baby waren ter plaatse nog voor de ambulance. Om 15:58 uur is de baby uiteindelijk in het bijzijn van zijn ouders gestorven. De doodsoorzaak was verstikking.

 

Het bedje dat gebruikt werd had de onthaalmoeder al jaren. De bedjes werden het laatst gecontroleerd begin 2022 door een veiligheidsadviseur van de kinderopvangorganisatie. De man van de onthaalmoeder had de bedjes in elkaar gestoken. Het bedje werd elk weekend verplaatst van kamer en werd ook dagelijks verschoven, terwijl het ook twee à drie keer per week werd dichtgeklapt. De onthaalmoeder verklaarde zelf dat er soms een pinnetje los kwam door het daveren en verrijden, waardoor zij dit dan terug moest steken. De man van de onthaalmoeder monteerde het bedje. De onthaalmoeder had aan haar man al gezegd dat er een pinnetje uit het bed was gevallen en dat ze het zelf had teruggeplaatst. Uit de technische vaststellingen op 30 augustus 2022 bleek  dat het kinderbedje verkeerd gemonteerd werd. Aan één zijde van het scharnierend gedeelte waren de pen-gatverbindingen los, met name de kant en hoek waar de baby geklemd zat. Het metalen staafje, dat in de pen-gatverbinding hoort te zitten, lag op de grond. De pen-gatverbindingen zijn stevig en kunnen bij normaal gebruik niet loskomen. Er wordt besloten dat, door de verkeerde montage van het bed, één van de metalen staafjes uit de opening is gevallen, vermoedelijk door het gewicht van de baby. Daardoor is de lattenbodem gekanteld waarbij een opening ontstond en de baby van de matras is gegleden en met het hoofdje vast kwam te zitten tussen de matras en de onderkant van het bedje.

Tenlastelegging

De beklaagden zijn schuldig aan onopzettelijke doding van de baby. De rechtbank hield bij haar beoordeling onder andere rekening met volgende elementen:

  • Het misdrijf vereist een fout die bestaat in een gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, met in oorzakelijk verband de dood van het slachtoffer tot gevolg. Elke fout, hoe licht ook, kan een gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg in die zin opleveren. 

  • Het bed waarin de  baby te slapen werd gelegd werd niet op de correcte manier geïnstalleerd. De man heeft het bed zonder handleiding in elkaar gestoken en de onthaalmoeder had  hem aangesproken dat op een bepaald moment een pinnetje uit het bed was gevallen. 

  • De montage voor een babybed, in het bijzonder een bed dat gebruikt wordt in de professionele setting van een kinderopvang, vereist enige zorgvuldigheid. De man wist of diende minstens te weten dat hij, zonder het gebruik van een handleiding, het bed mogelijks op een verkeerde manier in elkaar stak. Temeer de onthaalmoeder hem confronteerde met een gebrek aan het bed. Door deze melding kon redelijkerwijze verwacht worden dat de man over zou gaan tot herstel van het bed, minstens nazicht te doen waarom het pinnetje uit het bed viel.

  • De onthaalmoeder heeft meermaals het pinnetje op de grond teruggevonden, zodat zij wist of minstens diende te weten dat het bed niet meer veilig en bruikbaar was. Er kon redelijkerwijze van haar verwacht worden dat zij ofwel het babybed zou laten herstellen ofwel het niet langer zou gebruiken tot dit nagezien werd. 

  • Het foutief monteren van het bedje en het, na vast te stellen dat het pinnetje regelmatig uit het bedje viel, niet correct herstellen, maken in hoofde van beklaagden een ernstig gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid uit, met de dood van de baby tot gevolg.  

Strafmaat en schadevergoeding

De rechtbank heeft de feiten bewezen verklaard en sprak de eenvoudige schuldigverklaring van beide beklaagden uit. De rechtbank diende onder meer rekening te houden met de schending van de redelijke termijn. De feiten dateren van 30 augustus 2022. Het gerechtelijk onderzoek heeft een periode van meer dan een jaar stilstand gekend en daarna nog eens zes maanden. De beklaagden hebben niets gedaan om het onderzoek te vertragen en hebben hun medewerking direct verleend. Onverlet de ernst van de feiten, bestaat er geen enkele reden om thans nog een gevangenisstraf en/of geldboete op te leggen, gelet op het sedert de feiten verstreken tijdsverloop van 3 jaar, de omstandigheden waarin de feiten zich hebben voorgedaan en de actuele familiale, sociale en economische situatie van beklaagden.

Aan de ouders en de zus van de overleden baby moeten de beklaagden schadevergoedingen betalen, waaronder een morele schadevergoeding van 17 500 aan de zus van de baby en 35 000 euro aan elke ouder.